Dierenbescherming Dierenhulp Bodegraven beschouwt winterhulp aan vogels als een
van haar kernactiviteiten in het kader van de eerste kerntaak Dierennoodhulp. Als
het koud is en vriest dan krijgen vogels die hier blijven het moeilijk.
Echter het is toch gewenst dat vadertje winter zijn werk kan doen, anders
raakt de natuur ontregelt. Alleen wanneer er sprake is van strenge en
langdurige koude of een langdurig sneeuwdek zal de Dierenbescherming
Afdeling Bodegraven de bijvoedering van water- en weide vogels ter hand
nemen. Als men echter zelf iets wil doen dan volgen hieronder enkele
tips. Uw gastvrijheid voor de vogels wordt erg gewaardeerd, maar bel
echter eerst met ons meldnummer (0172 - 611377) alvorens te
beginnen. Want bedenk wel, te vroeg bijvoederen is niet goed voor de
vogels! Er moet ook aanleiding voor zijn.
Hoe kunt U nu helpen? Dat kan op verschillende manieren. Leg
bijvoorbeeld een vogelvriendelijke tuin aan, met besdragende struiken en planten
die groen blijven. Ook bladeren en een dode boomstronk, die insecten voor onder
andere het winterkoninkje bevat, hoort erin thuis. Meerdere voedertafels en/of
plekken zijn aan te bevelen. Bezoekers als kramsvogel en merel jagen het
kleinere grut weg en gaan de dienst uitmaken aan de voederdis.
Door meerdere
voederplekken te creëren met elk hun eigen voersoort sust u de verhitte
gemoederen en komt elke vogel aan zijn trekken, van groot tot klein.
Voer bij voorkeur twee keer per dag:
vroeg in de ochtend en aan het eind van de middag. Ook trekvogels die uitgeput
neerstrijken zullen dankbaar van uw voertafel gebruik maken, om nieuwe energie
op te doen en daarna hun trek te continueren. Verstoor vogels in de winter zo
weinig mogelijk: dat kost hun teveel van de energie die ze alleen al nodig
hebben om warm te blijven en te overleven.
Een
aantal voedertips:
-
geen
prakjes van mensen eten geven!
-
vetbollen
zijn ideaal vogelvoer, maar hang ze aan een dunne sterke draad tussen
2 punten, zodat ook kleine vogels ervan kunnen eten
-
(bruin)brood
verkruimelen en strooien
-
brood
voor watervogels eerst in slaolie dopen, maar niet in het water
gooien, wel langs de kant strooien
-
vogels
lusten ook verkruimeld hondenbrood, fijn gesneden hart en allerlei
soorten zaden (deze kun je al in de herfst verzamelen)
-
roodborstjes,
vinken en mussen lusten graag ongekookte havermout
-
zwanen
en eenden zijn gek op fijngesneden boerenkool
-
een
zelfgemaakt snoer van ongebrande pinda's zijn een lekkernij voor de
meesjes; maar hang ook dit snoer tussen 2 punten anders is het een
prooi van de grote vogels
-
strooi
voer in de buurt van bomen, niet van struiken in verband met
jagende poezen!
-
maak
voedertafels regelmatig schoon met heet water ter voorkoming van
besmetting via uitwerpselen en bacteriën (o.a. salmonella).
Wat
moet u absoluut niet doen:
-
neem
vogels nooit mee naar huis om ze tegen de kou te beschermen;
schakel de Dierenbescherming in; zij zorgen ervoor dat slachtoffers
die er slecht aan toe zijn naar een vogelasiel worden gebracht, waar
ze precies weten wat voor hulp de vogel nodig heeft
-
trek
vastgevroren vogels nooit van het ijs, maar probeer ze met een
stukje ijs rond hun lichaam voorzichtig los te maken; leg een beetje
stro rond het wak om herhaling te voorkomen
-
voer
vogels nooit op of langs rijwegen; dit kan verkeersslachtoffers
veroorzaken!
-
voer
geen kaassoorten zonder de plasticlaag te hebben verwijderd
-
voer
geen margarine, dat werkt laxerend
-
strooi
geen voedsel aan de rand van een wak, maar verderop
-
strooi
geen voer tussen losdrijvende ijsschotsen.
Wij roepen u op niet
te snel met bijvoeren te beginnen. Dat maakt de vogels lui en afhankelijk van de
mens. Bij
een echt strenge winter komen wij absoluut in actie. Wanneer wij groen licht
krijgen, zullen wij brood, zaad en appels kopen en tweemaal daags, op plekken
waar de vogels zich hebben verzameld, de dieren bijvoeren zolang dat
noodzakelijk is. U wordt hierover dan geïnformeerd
via de lokale media (Bodegraafs Nieuwsblad, Studio 15, Digitale Bodegraafse
Krant) en onze eigen website.
Ook
andere dieren die onze hulp nodig hebben zullen wij helpen. Wij kunnen dan uw hulp heel goed
gebruiken. Wilt u ons daarbij helpen, bel dan: 06
- 26684769 of 0172
- 611377 of mail ons
. Alle hulp is welkom.
Bedankt namens de dieren.
Vanaf begin december staat op www.dierenbescherming.nl
een speciale Feestdagen-site met verschillende tips en wetenswaardigheden.
Wintertips voor andere
dieren die buiten leven of komen:
-
sneeuwwandeling
met de hond? smeer de voetzolen in met vaseline; door vorst of pekel
kunnen gemakkelijk kloofjes of irritaties ontstaan; controleer
regelmatig of er geen ijsklonten tussen de tenen zitten!
-
zorg
ervoor dat de vijver niet bevriest zodat kikkers en vissen genoeg
zuurstof kunnen krijgen
-
hark
de bladeren in de tuin de perken in, zodat allerlei dieren zich
eronder kunnen verschuilen in de winter
-
laat
gezonde egels met rust; alleen als een egel een zieke indruk maakt,
mag u wat bruin brood en water geven; geef nooit melk! schakel
de Dierenbescherming in!
-
rij
bij gladheid nog voorzichtiger door bossen en weilanden, want er kan
altijd onverwacht wild oversteken!
Extra
aandacht voor de huisdieren in de winter
De
dieren die we natuurlijk ook niet moeten vergeten in de winter zijn onze
eigen huisdieren. Grotendeels zitten zij tijdens de gure najaarsdagen
lekker fijn binnen bij de kachel, maar ook zij komen tijdens hun
‘buitenavonturen’ in aanraking met de koude temperaturen.
Katten
De huiskat ligt het liefst op een warm plekje bij de verwarming of
achter de kachel. Dus als je de kattenmand op een warme plek neerzet,
wordt dit door je kat zeer zeker op prijs gesteld. Als je kat gewend is om
zijn of haar behoefte buiten te doen, kan het zijn dat je dier door de kou
de plas veel te lang ophoudt. Dit kan vervelende ontstekingen zoals
blaasgruis tot gevolg hebben. Het is voor je kat prettiger als hij tijdens
de koude maanden zijn behoefte binnen kan doen op de kattenbak op een
warme plek.
Honden
Voor de hond kan de winterperiode ook een aantal nadelige gevolgen hebben.
Wanneer ze naar buiten gaan voor hun behoefte, kunnen ze hun pootjes
openhalen aan de plassen die bedekt zijn met ijs. Dit kan zorgen voor nare
ontstekingen aan de pootjes. Ook vinden veel honden het leuk om naar de
sneeuwvlokken te happen. Wanneer ze teveel sneeuw binnen krijgen kunnen ze
hiervan aan de diarree raken, omdat de sneeuw te koud is voor de darmen.
Als je met een hond naar buiten gaat is het oppassen geblazen wanneer de
hond zich waagt op spiegelgladde stukken op het wegdek. Hiermee kan hij of
zij makkelijk een verstuiking of een kneuzing oplopen.
Konijnen
Wanneer je een konijntje hebt in een buitenhok, moet hij of zij in een
droog en tochtvrij hok zitten. De konijnen die buiten blijven hebben in de
winter een vrij dikke vacht, dus ze kunnen zich wel goed beschermen tegen
de kou. Toch kunnen ze in een strenge winter wel onderkoeld raken. Het
konijn moet dan langzaam opgewarmd worden met behulp van folie, hooi of
stro.
Kippen
Kippen die buiten of in een kippenren rondscharrelen moeten goed
worden bijgevoerd. Het hok moet lekker warm en tochtvrij zijn. En kijk ook
regelmatig of het water wat ze drinken niet bevroren is.
Met
deze tips wensen wij u een heel diervriendelijke winter 2011/2012
toe! Is een dier in nood aarzel dan niet ons te bellen!